De eerste week vloog voorbij en verliep ook enorm vlot. De kinderen geraakten snel gewend aan de nieuwe regels en gewoontes, nieuwe juf of meester, ... Op vrijdagnamiddag besloten we dat het tijd was voor iets extra.
Vorig schooljaar verkochten de leerkrachten vliegtuigsnoepjes tijdens het schoolfeest. Dit bracht bijna 700 euro op. Het geld werd geïnvesteerd in speelplaatsspeelgoed. (En ok, we geven het toe ... Er zit nog wat in ons potje voor wanneer we tijdens het jaar nog eens zot willen doen: een ijsje voor iedereen misschien?)
Maar dat speelgoed gingen we natuurlijk niet zo maar voor de neus van de kinderen zetten. Ze moesten er iets voor doen. Vrijdagnamiddag daagden we hen uit met 32 opdrachten. Elke opdracht was een aantal punten waard. Wanneer ze 100 punten hadden verzameld, kregen ze ons speelgoed cadeau.
Gemotiveerd dat ze waren! Het was ongezien! Misschien moeten we meer met zo een omkoperij werken. Ook het leerkrachtenteam liet zich van zijn beste kant zien. Het valsspelen door opdrachten tijdens het spel nog vlug wat moeilijker te maken, laten we even buiten beschouwing.
Aan het einde van de middag werden de punten iets te ruim opgeteld zodat de 100 werd bereikt. Geluk alom!
Enkele van de uitdagingen:
1. Til twee leerkrachten ouder dan 35 jaar 3 minuten van de grond. (Terwijl de 35+ garde zweeft, heeft de jeugd tijd voor een foto.)
2. Draag een ei in een lepel of zakdoekje van juf Kim naar juf Marianne.
3. Eén iemand moet elk kwartier kukelekuu komen zeggen tegen meester Thomas.
| Niels verraste meester Thomas zelfs met een vers gelegd ei. |
5. Zoek vijf gekleurde duimspijkers op de speelplaats.
6. Breng vijf levende dieren naar juf Kim.
| We noteren: juf Marianne heeft een spinnenfobie! |
8. Schrijf een brief aan de Minister van Onderwijs van exact 200 woorden.
9. Zorg dat er op het einde van de middag 200 vlechten te zien zijn.
10. Maak voor één leerling van elk leerjaar een outfit uit krantenpapier.
11. Maak een menselijke piramide van 3 verdiepingen.
12. Maak een kaartenhuis van 4 verdiepingen.
13. Schrijf een lief gedicht waarin elke leerkracht voorkomt.
14. Doe één leerling van de eerste graad, één van de tweede graad en één van de derde graad 20 kledingstukken aan.
15.Vorm "GS Tilia" met minstens 150 schoenen.
16. ...
